Over relikwieën

In het radioprogramma “Vroege Vogels” hoorde ik een vreemd bericht. Een Britse astronaut gaat een stuk hout meenemen naar het internationale ruimtestation dat ergens ver boven ons hoofd en ver beneden onze voeten rond de aarde cirkelt. Dit blok moet afkomstig zijn van de appelboom, die volgens de legende een appel liet vallen op het hoofd van Isaac Newton. Daardoor begreep deze grote Engelse natuurkundige opeens hoe het zit met de zwaartekracht. Dat is net zo’n mooi verhaal als de legende van de badkuip waarin Archimedes de naar hem genoemde natuurwet doorzag. Van beide verhalen klopt, historisch bekeken, geen bal. De appelboom uit de tuin van Newton is bovendien al in 1820 omgehakt. Wat me in dit bericht het meest verbaast, is dat het volledig onderuit haalt wat ik altijd gedacht heb, namelijk dat ruimtevaart het toppunt van rationaliteit en nuchterheid is. Wie verzint dat om op zo’n dure reis zulke volstrekt overbodige ballast mee te nemen?

Ik zal u maar eerlijk vertellen, dat mijn verbazing een beetje gespeeld is. Want wat er echt bij me opkwam bij het horen van dit bericht was de gedachte: “Er is nog hoop voor de mensheid!” Als de verbeelding nog leeft, als wetenschappers gewone mensen blijken te zijn en als zelfs ruimtevaartinstanties iets geks durven doen, dan komt het wel goed met ons. Ik hoop alleen dat al die wetenschappers die hun eigen wereldbeeld voor het enige mogelijk houden, de moed hebben om toe te geven dat het naar de maan sturen van een stuk van Newton’s appelboom niet wezenlijk verschilt van wat onze voorouders in de Middeleeuwen deden als ze in vervoering naar een vingerkootje van een heilige of een stukje origineel hout van het kruis van Christus staarden. Of van wat hedendaagse supporters doen als ze proberen een shirt of zweetbandje van een sportheld te bemachtigen. Het zijn allemaal pogingen om het ongrijpbare dat ons overweldigt, met eerbied vervult of zelfs zin geeft aan ons bestaan zichtbaar en tastbaar te maken. Het zijn dus symbolen en die zijn waardevol en onmisbaar. Het enige is dat een mens zich voortdurend moet realiseren dat symbolen verwijzingen zijn, niet de realiteit zelf. Als je dat beseft, kun je zowel je eigen symbolen in ere houden, als met respect omgaan met de symbolen van andere mensen. De wereld wordt er niet slechter op, als wij wat voorzichtiger worden met oordelen en veroordelen van onze medemensen.

Frans Weeda

Contact Kerk

0562-850518 ds F.H. Weeda fhweeda@home.nl
0562-451573 dhr H. van Keulen scriba@protestantsegemeentevlieland.nl